Veilig solozeilen

Elk jaar lees je de berichten: solozeiler vermist, boot vaart onbemand rondjes, zoekacties worden bij daglicht voortgezet. Het lichaam wordt dagen of weken later gevonden.

In april 2008 heb ik vier weken solo gezeild, van de Eemhof op de Randmeren via Texel, Friesland, IJsselmeer en IJmuiden en de Belgische kust naar Ramsgate in Engeland. Bij windkracht nul tot en met zeven bij luchttemperaturen van 1 graad tot 17 graden en een watertemperatuur ver beneden de tien graden. 2 weken voor m’n vertrek sneeuwde het nog….

Ik wil graag vertellen hoe ik het veilig heb gehouden.

Uitgangspunt: als je solo-zeilend in het water valt ben je dood. In water beneden de tien graden hou je het max 5-10 minuten uit voor je het bewustzijn verliest en vervolgens een zachte (?) dood sterft. Zelfs als je boot nagenoeg stilligt ben je in 2-3 minuten zo verkleumd dat je niet meer aan boord kunt klimmen via de zwemtrap. Helaas ligt die boot nooit stil, en vaak staat ‘ie op de stuurautomaat (het beste maatje van de solozeiler!) zodat het schip linea recta van je wegkachelt.

Ook als het water warmer is zijn je kansen heel klein, zelfs als je een reddingsvest aan hebt.  Met zo’n ding aan kun je nauwelijks zwemmen en de beweging zelf ontrekt onevenredig veel warmte aan je lichaam.

Het uitgangsunt van een solozeiler moet dus zijn niet in het water te vallen. Een ongeluk zit in een klein hoekje, dat gaat hier enorm op. Elk jaar vallen er enkele doden. Dus, welke maatregelen neem je om veilig te solozeilen?

Hieronder staan de dingen die ik doe bij het solozeilen (maar die altijd de veiligheid vergroten):

1. Wees je voortdurend bewust van het risico. De mentale staat van bewustzijn van waar je mee bezig bent is het allerbelangrijkst. De meeste ongelukken gebeuren niet door slecht materiaal maar door onachtzaamheid. Het betekent niet dat je een angsthaas moet zijn, integendeel! Maar denk na zodra je van wal steekt, zodra je de kuip verlaat voor welke handeling dan ook. Doe de dingen rustig en zonder haast, doe elke handeling bewust. Juist als je langer in je eentje zeilt, kun je in een soort trance raken, die je niet gebruiken kunt als er dingen gedaan moeten worden.

2. Altijd reddingsvest (met flashlight) aan zodra je de landvasten losmaakt, ook in Friesland bij windkracht nul. Zodra je de kuip verlaat: aanlijnen aan de platte lifelines die aan beide zijden van het schip naar voren lopen. Ja, ook bij een spiegelgladde zee. Een reddingsvest vergroot je kansen van geen naar klein. Een life line zorgt ervoor dat je in een ongemakkelijke houding naast de boot komt te hangen als je overboord gaat. Misschien heb je het geluk tussen de reling door te kunnen klimmen. Als je niet bewusteloos of gewond bent….

3. Handmarifoon opgeladen in een afsluitbare zak van je zeilpak. Zelfs als je in het water ligt kun je hulp inroepen. Het bereik is maar enkele mijlen maar langs de kust  en op grote delen van het IJsselmeer is dat genoeg.

4. Niet uit de kuip gaan behalve als het echt nodig is. Om die reden zijn onze beide voorzeilen (kottertuigage) rolzeilen. Om diezelfde reden strijk ik het grootzeil altijd pas binnen de pieren als de zeegang weg is. Bovendien ligt het schip bij een haven aanloop veel stabieler met grootzeil op.

5. Zelfstandig efficient kunnen reven bij elke weersomstandigheid en zeegang. In je eentje oefenen bij weinig wind en vlak water en ook bij veel deining, maar nog weinig wind. Leg de boot aan de wind (met de stuurautomaat of zet het roer vast), vier het grootzeil, laat de fok aangetrokken en ga dan naar voren terwijl de boot met ca 1,5 knoop voortgang maakt. Oefen de juiste zeilstand/roerstand voor deze handeling bij verschillende windsterktes en zeegang.

6. Bij enige zeegang (ook op het Tjeukemeer): kruipend op de knieën naar voren. Laag blijven zorgt dat je niet kunt vallen.

7. Ruime koersen en zeegang: altijd een bulletalie zetten. En die moet je makkelijk, zonder halsbrekende toeren kunnen bevestigen. Wij hebben een systeem waarbij je niet naar voren hoeft.

8. Niet overboord plassen, ook niet bij windkracht nul. Lijkt een lachertje,maar het kost jaarlijks levens, serieus! Als je niet naar binnen wilt/kunt is daar altijd nog de puts: zittend in de kuip is het veilig en lekvrij.

9. Vooruit denken bij manoeuvres en sluizen. Landvasten en stootwillen klaarleggen en netjes hebben. Voorlandvast helemaal buitenom naar achteren leiden en eerst achter vastmaken, rustig afstappen en met het voorlandvast op de wal naar voren lopen. Bij lastige situaties: vaar een rondje extra en vraag hulp indien nodig. Beter dan gestresst rondhollen op het schip en struikelen. Liever eerst maar even aan lagerwal aanleggen en te voet de zaak verkennen of de boot verhalen, dan die sprong wagen.

10. Bedenk noodscenario’s: wat doe ik als nu de motor zou uitvallen, als het nu zou gaan stormen, als ik nu m’n enkel breek, als nu het grootzeil zou scheuren? Klinkt een beetje zwartgallig, maar het helpt echt. Toen bij ons in de veerbootgeul van Ameland bij 6 Bft en aanstormende veerboot de motor de geest gaf wist ik wat ik doen moest.

11. Ken je schip en de apparatuur: hoe hard moet de motor draaien om een rechte koers aan te houden bij zeegang, hoe is de zeil en roerstand bij bijliggen? Bij welke windsnelheid zet je het eerste en tweede rif? Hoe snel verlijert het schip bij stilliggen?

12. Opklapbare zwemtrap moet je vanuit het water kunnen neerklappen.

13. Ken je zelf: hoe lang houd je een dagtocht vol bij windkracht 3, 5, 7? Bij welke windkracht en zeegang en koers wordt je zeeziek? Wat doet slecht zicht (kun je de radar interpreteren?), regen en duisternis met je gemoedstoestand? Kun je omkeren als het niet meer gaat, of moet je je bewijzen (tegenover wie?).

Tot zover. Solozeilen is een belevenis en heel bijzonder. Met bovenstaande zaken in het achterhoofd is het tevens veilig en kun je volop genieten.

2 gedachten over “Veilig solozeilen

  1. Joost Overmars

    >Hallo Theo,
    helemaal vooraan bij de putting van het voorstag heb ik met een harpje een blok bevestigd. De bulletalie is een lijn van 10mm die helemaal buitenom de stagen en scepters rondom het schip loopt door dit blok. Bij de North Beach kan dat makkelijk omdat er wat ruimte is tussen de voetrail en de scepters, waar de lijn in ruste in kan liggen. Je zet hem net niets straak vast aan de hekstoel, zodat hij bij flinke golven goed blijft liggen. Aan beide uiteinden van de lijn zit een karabijnhaak, waarmee de bulletalie eenvoudig aan de achterkant van de giek geklikt kan worden.

    De werkwijze is als volgt: je zet de grootschoot stevig door zodat de giek binnenboord hangt. De karabijnhaak aan de lijzijde klik je aan de giek. Je laat de schoot vieren en zet de bulletalie strak door met behulp van de lier aan loef. De giek is nu gefixeerd zodat geklapper en onverwachte gijpen uitgesloten zijn. Wij gebruiken hem altijd op ruimer water met ruime/achterlijke wind als er wat zeegang is. Vaart een stuk rustiger!

Laat een reactie achter bij Joost OvermarsReactie annuleren

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.