- Stavoren – Edam 25 mijl
- Wind: NW5
- Weer: steeds meer opklaringen, 1 buitje, 18 graden
Om half acht werd ik gewekt door een buitje, dat snel overtrok. De wind was -zoals voorspeld- naar het NW gedraaid en het was een stuk kouder dan de dagen hiervoor en ook bewolkt. Kwart voor tien maakte ik los en ging vlot door de sluis. Het stuk naar Enkhuizen was vrijwel voor de wind, dus dat ging alleen op de kluiver. Er stond inderdaad zo’n 18 knopen wind (=windkracht 5). Gaandeweg begon de bewolking te breken, en kwam de zon er steeds meer bij.
Ook de sluis bij het naviduct in Enkhuizen ging vlot, zij het dat niet iedereen nog doorhad dat je met achterlijke harde wind toch echt eerst van achteren moet vastmaken. De traditionele rolverdeling is: vrouw staat voorop en maakt plichtsgetrouw snel vast. Man staat achter het roer en vertikt het daar vandaan te komen en als de boot dwars in de sluis komt te liggen krijgt vrouwlief de wind van voren. Man probeert met veel motorgeweld te redden wat er te redden valt, hetgeen alleen tot gevolg heeft dat de preekstoel met een rotklap tegen de sluiswand aan klapt. Enzovoort… We hebben het al zo vaak gezien.
Na de sluis zette ik alle zeilen, met een rifje in het grootzeil. Met 6-7 knopen stoven we richting Edam. Bij het aanleggen had ik die windkracht 5 pal dwars, en dan valt het niet mee om aan hogerwal aan te leggen in je eentje. Dan maar de beproefde methode van achteruit: achterwaarts naar de kant met de kont in de wind, afstappen en achterlandvast beleggen, opstappen en voorlandvast pakken en de boot tegen de kant trekken. Het is even werk, maar lukt altijd en dat is wel zo relaxt!
In het smalle kanaal naar Edam passeren nog vele grote platbodems, die door de sluis gaan om in het centrum, een paar kilometer verderop, af te meren. Verder lig je hier heel rustig.


Pracht foto’s en “kudos” voor ervaren zeemanschap