Dinsdag 22 juli 2014:
- Bridlington – Grimsby: 48 mijl, 1834 mijl totaal
- Vertrek: 0400 uur (HW+0230), aankomst 1330 uur (HW-0130)
- Wind: N 2-3 toenemend NO 3-4
- Weer: Zonnig en wolkenvelden, 17 graden
Het getij dicteert het zeilen. Om 0320 uur ging de wekker en om 0400 uur maakten we los. Met nog 1,2 meter water verlieten we de droogvallende haven. Het was net licht genoeg om de lobsterpots te zien aankomen. Met ons verlieten diverse vissers de haven voordat ze aan de grond zouden komen te liggen. De eerste uren hadden we nog stroom tegen, vanaf 0930 ging hij weer mee staan. Te zeilen viel er niet, want het beetje wind dat er stond voeren we dood.
Er viel niet veel te zien. We voeren ca. 2 mijl van een lage kust met af en toe een dorpje of caravanpark. En ook hier bouwen ze achter elkaar windmolenparken in zee.
Rond een uur of 11 voeren we met de vloed het estuarium van de Humber op, waar een sterke stroom staat. We zorgden er dus voor dat we op tijd waren om daar stroom mee te hebben. Er is veel verkeer van zeeschepen en de loodsboten varen af en aan. De boeien hebben de vorm van kleine catamaran scheepjes met een hoge opbouw.
Aan de oevers, maar ook midden in de rivier staan nog (bouwvallen van) oude verdedigingsforten, net als in de Thamesmonding. Mooi is anders.
De sluis van Grimsby staat open op HW±2u. Door de sterke stroming dreigden we er te vroeg te zijn, dus we voeren zo langzaam mogelijk. Vijf minuten voor de opening waren we ter plaatse, maar eerst moest nog de uitgaande vaart naar buiten, dus we moesten toch nog even wachten.
Grimsby was één van de grootste vissershavens van de Noordzee en toen de visserij in de jaren ’80 instortte verloor de plaats in één keer zijn grootste inkomstenbron, met grote werkloosheid tot gevolg. De Fishdocks vormen een verlaten en verlopen gribus van dichtgetimmerde, half ingestorte en leegstaande gebouwen vol troep. Er is nog een kleine vissersvloot en de offshore industrie (waaronder de windparken) zorgen nog voor wat bedrijvigheid. En er is de marina met een actieve en gastvrije jachtclub! Het dorp is de slag nog steeds niet helemaal te boven. Veel dichtgetimmerde winkels. Gelukkig zijn er ook diverse grote supermarkten, hoewel ik beter een fietsje had kunnen uitpakken, wat het was 25 minuten lopen door die gribus en ook weer terug natuurlijk!
Wie in Florence geweest is, denkt gelijk: hé! Dat is een bekende toren! Hier in Engeland noemen ze dat een Folly, een dwaasheid. In deze toren werd water naar boven gepompt, waarvan de valkracht vervolgens gebruikt werd om de sluizen te bedienen. Vandaar de term Hydraulic Tower.
Morgen kunnen we een uurtje langer slapen want we hoeven “pas” om 0500 uur weg. Dan staat ons opnieuw een lange tocht te wachten naar Wells-next -the-sea. Dat is een leuk plaatsje, waar we weer even blijven. Hopelijk is de laaghangende bewolking, die nog net geen mist is, dan opgelost.





